De EU-kwaliteitshiërarchie
Europese wijnwetgeving organiseert kwaliteit in drie oplopende niveaus:
- Vin de France — geen geografische beperking; druiven mogen overal in Frankrijk vandaan komen
- IGP (Indication Géographique Protégée) — wijnen moeten afkomstig zijn uit een bepaalde regio en basisproductieregels naleven, maar genieten aanzienlijke vrijheid in druivensoorten en wijnmaken
- AOP / AOC — het strengste niveau, met nauwkeurig omschreven druivenrassen, maximale opbrengsten en rijpingsvereisten
Belangrijkste Franse IGP-zones
- Pays d'Oc — de grootste IGP, die heel Languedoc-Roussillon beslaat
- Val de Loire — een brede aanduiding die de lengte van de Loirevallei beslaat
- Côtes de Gascogne — Gascogne's vlaggenschip-IGP, gevierd voor knapperige, aromatische witte wijnen
- Île de Beauté — Corsica's IGP, met zowel internationale als inheemse druiven